Traditiegetrouw staat altijd minimaal één bezoek aan een grote stad op ons programma. Om wat cultuur te snuiven en om gewoon lekker te winkelen. De stad die in deze streek het meest het predicaat “groot” verdient is Montpellier. In grootte de 8e gemeente van Frankrijk, maar die vermelding in de top tien komt vooral door het meetellen van alle omliggende gemeentes die ook onder het bewind van de burgemeester van Montpellier vallen. De stad ligt een klein uur rijden hiervandaan, als je tenminste de snelweg pakt en bereid bent 7,70 Euro neer te tellen om via het befaamde viaduct de Tarn vallei over te steken. Je komt de stad vanuit het Noorden binnen. Merkwaardig genoeg rij je dan niet in één lijn naar het centrum maar maak je een soort spiraalbeweging die je steeds dichter bij het middelpunt brengt. Ik zei nog tegen Margot (met Jericho in gedachten), “ Als we er nog een keer omheen rijden stort de stad in elkaar”. Misschien hadden we toch beter de raad uit onze reisgids op kunnen volgen en de auto aan de rand moeten zetten om vervolgens de wereldberoemde tram te pakken.
Het zijn dezelfde moderne trams die we ook in Rotterdam tegenkomen maar dan vele malen leuker gepimpt. Op de ene lijn rijden tramstellen kleurig versierd met bloemen, op de andere lijn trekken donkerblauwe wagens met witte zwaluwen voorbij. Maar helaas, we waren eigenwijs. Na een uur lang geprobeerd te hebben een van de vele ondergrondse parkeerplaatsen te bereiken begon het verkeer ook aardig te stropen. Dat we zo ondertussen aardig bij het middelpunt moesten zijn aangeland leidde ik af uit het feit dat we onder een soort Arc de Triomphe reden. Uit mijn ooghoeken zag ik in het tunneltje uitsparingen waarachter rijen geparkeerde auto’s zichtbaar waren. In een opwelling mijn stuur naar rechts gegooid na verlaten van het tunneltje en zowaar, we draaide een oprit naar een parkeergarage op. De triomfboog blijkt op het hoogste punt van de stad te staan en is daar neergezet door Lodewijk de 14e die zelf, gezeten op een paard, door de boog heen de stad overziet. Deze megalomane heerser heeft indertijd per wet bepaald dat niemand ooit over hem heen mag kijken. In heel Montpellier is dan ook geen gebouw te vinden dat boven dit reusachtige standbeeld uit steekt.
Als winkelstad is Montpellier een goede keus. Margot en de kids vonden in de kleine straatjes precies de winkels die ze leuk vinden. Iris raakte vooral in extase bij het vinden van een zaakje geheel gevuld met lollies in alle soorten en maten (tot aan een halve meter in doorsnee toe).
Alle winkels komen uit op een reusachtig plein, het grootste voor gemotoriseerd verkeer verboden plein van Europa en mogelijk zelfs van de wereld. Op een gegeven moment bukte ik omdat ik een dacht een muntstuk te zien liggen (bleek een koperen plaatje te zijn waarvan het nut me onduidelijk is) en het viel me op dat de stenen waaruit het plein is opgebouwd wel heel erg heet worden in de knallende zon. Ik vraag me werkelijk af of Trica, en andere honden, daar geen last van hebben. Uit voorzorg hebben we haar regelmatig met haar pootjes in een fontein gezet of haar met de poten van de vloer gehaald door haar bijvoorbeeld op een bankje te zetten. Eén keer raakte ze daarbij met haar achterpoot bekneld tussen twee planken van de zitting. Dat deed blijkbaar zo’n zeer dat ze de hele boel bij elkaar kermde, en niet eventjes maar een paar minuten lang. Wat kan er een hoop herrie uit zo’n klein hondenlijfje komen. Even was ik bang dat we nog aangehouden zouden worden wegens dierenmishandeling. Maar dat ze echt wel haar achterpootje verrekt had bleek uit het feit dat ze de eerste paar minuten haar weg hinkend vervolgde. Na een minuut of tien leek alles gelukkig weer “back to normal”.
Omdat het zo warm en het slenteren daarom erg vermoeiend, hebben we ons, geheel tegen onze principes in, laten rondrijden in een toeristisch treintje. Er was zowaar een audio toelichting in het Nederlands en zo kregen we allerlei leuke ditjes en datjes te horen en werden we gewezen op beroemde plekjes die anders aan onze aandacht zou zijn ontsnapt. Zoals dat raam in dat oude gebouw waaruit Alain Delon sprong in een poging een einde aan zijn leven te maken in de film “Les deux hommes dans la Ville”. Onderweg zagen we verder nog een paar leuke winkeltjes die we naderhand weer per voet hebben opgezocht.
Om ons bezoek aan Montpellier nog een cultureel tintje te geven ook nog een paar kerken in gedoken. Daaronder een die Trica wel aansprak; de eglise Saint Roch ofwel de kerk van de heilige Rochus. Deze Rochus wordt strijk en zet afgebeeld in gezelschap van een hond. Deze trouwe viervoeter zou hem dagelijks van voedsel hebben voorzien en zijn wonden hebben schoongelikt toen hij ergens in de 13e eeuw tijdens een pelgrimstocht door de pest werd getroffen. Mede door dit voorval is Rochus de beschermheilige van pelgrimsvaarders en zieken geworden en ligt deze kerk op de pelgrimsroute naar Santiago de Compostela. Tot onze niet geringe verbazing werden we in het kerkje dan ook in het Nederlands (of eigenlijk in het Vlaams) aangesproken door een alleraardigste dame die er verbleef om pelgrimgangers op te vangen. Van haar kregen we het hele verhaal over Rochus te horen.
De hele stad kent vele gezellige hoeken en straten waarvan er een paar versierd zijn met door lokale kunstenaars opgeleukte betonpaaltjes. Bijzonder is ook het restaurant tegenover de Saint Roch dat niet is wat het lijkt. Heel veel is nep en er simpelweg opgeschilderd. Zelf de reflectie van de kerk in de ramen is gezichtsbedrog. Probeer in onderstaande foto maar eens vast te stellen welke mensen en ramen echt zijn en welke niet. Werkelijk waar,in de hele gevel zijn maar drie raampjes en 1 deur aanwezig en geen van de getoonde mensen op de wanden is van vlees en bloed.
Montpellier kent behalve het oude centrum ook een heel moderne wijk Antigone genaamd. Je komt er alleen via een poort en het bestaat uit een verzameling woningen kantoren, overdekt winkelcentrum en zelfs een zwembad in een soort neoclassicistische stijl. Met heel veel groen (palmbomen die het een mediterraan karakter geven) en watersculpturen (bedriegertjes). Het moet voor een kind geen straf zijn om hier op te groeien. Over Montpellier kunnen we nog bladzijden volschrijven. Het is gewoon een stad die je aan moet doen als je toevallig in de buurt bent. Ons bezoek (en daarmee ook een beetje onze vakantie) sfeervol afgesloten met een etentje op een terras. Daardoor was het inmiddels een beetje donker toen we uiteindelijk vertrokken. En dat leverde weer beelden van een zeer fraaie zonsondergang op.