De temperatuur blijft stijgen hier. Morgen wordt het 34 graden maar ook vandaag zullen we de 30 makkelijk halen. De koel-rugzak die we van Opa en Oma gekregen hebben komt hier erg goed van pas. Gelukkig waait het hier ook regelmatig waardoor de warmte een stuk dragelijker wordt. We zijn hier alweer een week, dus de hoogste tijd voor Margot’s favoriete onderdeel (tevens het minst favoriete nummer bij de kinderen); wandelen. Ze heeft een mooie wandeling uitgezocht door de velden beneden aan de heuvel waarop Rennes ligt. De wandeling moet een kleine tweeëneenhalf uur duren. Omdat wij niet van die snelle starters zijn komen we pas rond een uur of twaalf aan op de plek waar de wandeling begint. Dit betekent wel dat we dus op het heetst van de dag ons gaan inspannen. Eerst flink smeren met zonnebrand dus.
De wandeling is bijzonder omdat ze gaat door een gebied dat is bezaaid met vreemde hutjes opgebouwd uit op elkaar gestapelde leistenen. De hutjes zijn ongeveer drie meter hoog, hebben een dak en een deuropening en zijn lekker koel van binnen. Op het “ Camp Grand” waar onze wandeltocht doorheen loopt staan er wel zo’n honderd bij elkaar. Sommigen nog geheel in tact, anderen volledig ingestort. Over de leeftijd en functie van deze “ Capitelles” zijn de geleerden het niet eens. Wel is zeker dat ze al knap lang bestaan. Ze dateren waarschijnlijk uit het neolitische of megalitische tijdperk. Erin leven is bijna niet mogelijk gezien de beperkte ruimte en het ontbreken van een gat om een vuur te kunnen stoken. Er is nooit iets in gevonden, dus graftombes zijn het vermoedelijk ook niet. Sommigen denken dan ook dat ze een meer rituele functie hadden of dat ze dusdanig geplaatst waren dat ze kruispunten van een geografisch web markeren. Een theorie luidt dat de mensen er vroeger heen trokken vlak voor dat ze stierven om hun kennis over te dragen aan de stenen.
De door de stenen opgenomen kennis zou weer via meditatie in de nog levenden vloeien. Ja, Ja, rond Rennes le Château is niets zonder magische betekenis.
Daarover gesproken, onze magische steen blijft ons bezig houden. We zijn er inmiddels achter gekomen dat een dergelijke tekst die naar alle richtingen toe gelezen kan worden een “ palindroom” genoemd wordt. Ons Palindroom is niet uniek. De tekst is al op verschillende plaatsen in Europa gevonden en de eerste keer dat iemand de moeite nam de tekst in een steen te beitelen was al in de Romeinse tijd in Pompeji. Waarschijnlijk heeft Saunière de tekst niet zelf verzonnen en mogelijk de steen niet eens zelf laten maken maar wel gebruikt om een hint te geven. Want dat de steen aan Saunière toebehoorde is ons wel duidelijk. We zijn er ook achter gekomen dat de steen in eerste instantie in de Tour Magdala heeft gezeten. Het was ons al opgevallen dat een van de hoekstenen van deze toren anders oogde dan de rest. Het lijkt erop dat die Palindroom-steen daar ooit gezeten heeft maar op een bepaald moment er uit gehakt is om te verhuizen naar de pelgrimskerk. Via schuiven in Photoshop is weer prima duidelijk te maken hoe goed de steen eigenlijk past in die hoeksteen van de Tour. De steen is hoogstwaarschijnlijk dezelfde als die wordt genoemd door di Chimici in het verhaal van Jasmijn over Venetië:
“…herbergt een steen in alle richtingen van het kompas gelezen.die zal u vertellen waar u moet zoeken”
Zou het kunnen zijn dat Saunière ontdekt heeft dat zijn geheim gecompromitteerd was en dat hij daarom de steen heeft laten weghalen? En vervolgens de duivel Asmodeus heeft aangeschaft om een aanwijzing naar de nieuwe locatie te kunnen achterlaten?
Wie het weet mag het zeggen.
Dankzij een reactie van de latijnleeraar van Iris en een aantal links die Margo uit Gouda ons stuurde kennen we nu in ieder gaval de vertaling:
“Zaaier Arepo houdt met moeite de wielen”. Of “ De zaaier Arepo bestuurt (leidt) de ploeg met zijn handen”. En “zaaier” mag je ook lezen als “schepper”..
Zou het iets te maken kunnen hebben met die geheimzinnige hutjes hier?