In de 12e eeuw was het gebied waar we vertoeven geheel in handen van de Katharen. Deze aanhangers van een zeer liberale vorm van het christendom waarin goed en kwaad, man en vrouw een gelijk aandeel hadden, werden door de katholieken als ketters beschouwd en onbarmhartig uitgeroeid. Regelmatig duikt in deze contreien de naam van Simon van Montford op als wrede volkerenmoordenaar. Uiteindelijk moesten de Katharen op de Montségur het onderspit delven. Maar behalve dit kasteel zijn er nog vele andere ruïnes te vinden die herinneren aan de bloeitijd van de Katharen. Twee liggen er relatief dicht bij elkaar; de Quéribus en de Peyrepertuse. En deze twee kastelen vormen het doel van onze ontdekkingstocht van vandaag. Beide kastelen, of wat er nog van over is, liggen hoog op de rotsen en zijn in de wijde omtrek te zien. Het zijn letterlijk
luchtkastelen en het is nauwelijks te bevatten hoe men ze ooit kon bouwen. Laat staan hoe het leven erop mogelijk was. De bevoorrading moet een ware expeditie geweest zijn. Even een pakje sigaretten halen en men was drie dagen weg. Met de auto komt men dicht in de buurt maar om ze werkelijk te bezoeken is een forse klim vereist. De beloning is een fantastisch uitzicht. Van de kastelen zelf is weinig meer over. En toch maken ze nog steeds een majestueuze indruk.
De Peyrepertuse is een langgerekt kasteel dat bestaat uit een onderkasteel en een bovenkasteel. Het onderkasteel volgt precies de vorm van de rotswand waar hij op staat. Tussen de bouw van beide kasteeldelen schijnt een eeuw te zitten. Het bovenkasteel is alleen te voet bereikbaar. Er is zelfs nooit een paard of muildier tot doorgedrongen. Het pad erheen is niet bepaald toegankelijk en bij een straffe wind wordt die dan ook gewoon afgesloten voor publiek.
Op de Peyrepertuse probeert men de vroege middeleeuwen te laten herleven. Een groepje verklede toneelspelers gedraagt zich als boerse soldaten en ridders die
constant toeristen beledigen en de dag zuipend en boerend doorbrengen. Maar er is ook regelmatig een roofvogelshow bij te wonen en er zijn diverse middeleeuwse ambachten te bewonderen. Jasmijn heeft van een zeer vriendelijke middeleeuwse page (of was het een schildknaap?) zelfs les gekregen in boogschieten.
De terugreis voerde door de Gorges de Galamus. Deze kloof is op een gegeven moment zo smal dat het verkeer er maar in één richting doorheen kan. Stoplichten zorgen ervoor dat iedereen een kans krijgt. Het is wel even wachten; het duurt zeker een kwartier voor dat de kloof leeg is en het verkeer de andere kant op de beurt krijgt. Toen deze verkeerslichten er indertijd nog niet waren kwam het verkeer regelmatig muurvast in de kloof te zitten.
Door dit oponthoud maar vooral omdat we ons verkeken hebben op de tijd die je nodig hebt om de Katharenkastelen te bezoeken lukt het niet meer om nog voor etenstijd de camping te bereiken. We zoeken in Quilan een alleraardigst Italiaans restaurantje op dat ook nog eens zeer betaalbaar blijkt te zijn. Als we weer op pad gaan is het inmiddels donker. Bijna rijd ik een hond aan die plotseling oversteekt. Maar ondanks het Italiaanse wijntje bij het eten blijken mijn reflexen nog dusdanig goed te zijn dat ik net op tijd stil sta. De door mijn koplampen verblinde hond kijkt me nog verontwaardigd aan om daarna alsof er niets gebeurd is, een tuin aan de overkant in te lopen.
Reacties